Wanneer je ouder wordt en je kunt nog steeds goed vooruit, dan is er niks aan de hand. Maar wat als je ouder wordt en je gezondheid je parten speelt? Dan mag je hopen dat je hier in Nederland fatsoenlijk en met respect wordt verzorgd.
Een landelijk onderzoek (2009) onder bewoners, hun familie en personeelsleden van 23 verpleeg- en verzorgingshuizen schetst een dramatisch beeld van de omstandigheden in de instellingen. Bijna alle 1100 ondervraagden vinden de zorg onder de maat. De werkdruk is te hoog, er is onvoldoende zorg, aandacht en privacy voor de bewoners en nog steeds komen er gedwongen scheidingen voor. Ruim 90 procent van het personeel vindt dat de grens is bereikt, dan wel overschreden. Het gebrek aan tijd leidt tot mensonwaardige en soms mensonterende situaties. Er wordt gemeld dat bewoners geregeld of vaak te lang op bed liggen, er is te weinig tijd voor toiletbezoek en bewoners krijgen om deze reden vaak een luier om. Soms komen mensen helemaal het bed niet uit of zitten de hele dag in de stoel voor zich uit te kijken. De geënquêteerden maken zich het meest zorgen over de gevolgen voor de kwaliteit van het bestaan van bewoners. Ze spreken over vereenzaming, vervuiling, onveiligheid, uitzichtloosheid, afstomping en door dit alles snellere achteruitgang dan nodig is. De allerhoogste tijd om een oplossing te zoeken.
Emmy Ettema vertelt: “De gezondheid van mijn vader ging achteruit. Hij moest steeds meer van zijn levensgenot inleveren. Niet meer zelf kunnen bepalen waar je heen gaat, niet meer zelfstandig naar het toilet, altijd van hulp afhankelijk zijn, verschrikkelijk! Dit was al een verwerkingsproces op zich. Door de wachtlijsten voor wonen met zorg besloot ik mijn vader in huis te nemen. Een Persoonsgebonden Budget (PGB) maakte dat niet de gehele zorg op mijn schouders rustte. Voor mijn vader was dit een geweldige oplossing. Hij kon zelf zijn zorg inkopen, heel helder en duidelijk allemaal.”
“Na een half jaar kwam er eindelijk een plekje vrij in een verpleegtehuis. We hadden maar drie dagen om te beslissen, anders ging de kamer naar een andere cliënt. We gingen met de familie kijken. Dit was weer een shock. Mijn vader kreeg niet een kamer voor zichzelf. Hij moest deze delen met een andere (wellicht vrouwelijke) persoon. Maar welke keuze hadden we? Mijn vader kon niet meer zelfstandig wonen in zijn eigen (koop)appartement. Bij mij in het gezin met drie kinderen werd de situatie ook te zwaar. Na een emotioneel beraad met mijn vader besloten we om op het aanbod van het verpleegtehuis in te gaan. Het PGB werd omgezet naar Zorg in Natura en papa ging in een verpleeghuis wonen. Alles zal wel wennen, dachten we, het komt wel goed.
Algauw werden we keer op keer teleurgesteld. Ten eerste was ons pap zijn privacy helemaal kwijt. Hij moest zijn leven delen met een wildvreemde die ook op zijn kamer kwam te liggen, geen eigen spullen, geen eigen ruimte, niks! Een tweepersoonskamer van 25 vierkante meter, waar zijn bed en een ziekenhuiskastje in stonden. Dit was geen tijdelijk situatie. Nee, papa zou hier wonen. Erg vernederend lijkt me, als je geen privacy hebt. Ik kwam regelmatig op visite met mijn kinderen. Dan belde de buurman van mijn vader dat bijvoorbeeld zijn katheter pijnlijk was. De verzorgenden plaatsten een ‘kamerschermpje’’ en gingen met de buurman aan de slag. Wij konden er zo langsaf kijken. Keer op keer heb ik mijn kinderen de gang op gestuurd omdat ik dit niet respectvol vond.”
“Toch went het op ten duur allemaal. Of je verlegt je grenzen. Mijn vader moest worden geholpen met plassen. Als ik de urinaal pakte, plaatste ik ook het kamerscherm. Na verloop van tijd zei mijn vader: ‘Och Emmy, dat hoeft niet, de buurman heeft dit al vaker gezien.’
Dus ik vraag me af waar we in Nederland mee bezig zijn! Ook dat mijn vader constant om hulp moet vragen, baart mij zorgen. Waarom er is toch een zorgvraag? Mijn vader draagt ook incontinentiemateriaal omdat het wel eens misgaat. Toen hij bij mij woonde, organiseerde we gewoon dat hij op vaste tijden kon plassen en tevens werd verschoond. Waarom klampt mijn vader mij steeds aan met de vraag om hem te verschonen? Hij is dan ook echt drijfnat. Gewoon omdat hij hun niet tot last wil zijn en het vervelend vindt om steeds te bellen. Waarom moeten oudere mensen smeken om geholpen te worden? Wat is het kwaliteit van leven dan nog? Ik snap dat het organiseren in de zorg door allerlei aspecten best moeilijk te regelen is, maar ik weet zeker dat het op een respectvoller manier kan.”
“Ik ben opgeleid als verpleegkundige. Ik leerde in de opleiding dat de lichamelijke verzorging wonderen doet met het lichaam. Het is een heerlijk gevoel als je lekker gedoucht hebt, je kunt er weer even tegenaan. Of even lekker je schouder laten masseren, want het vele zitten heeft vaak vervelende gevolgen voor het lichaam. Heerlijk! Niks van dit alles vind ik in een verpleegtehuis. De harde werkelijkheid is anders: een keer in de week in de douche. Verschrikkelijk. De rest van de week word je op bed gewassen met bakken water. Je word letterlijk op je zij geduwd. We leren toch om te kijken vanuit het oogpunt van de cliënt? Het is te triest om waar te zijn, dit alles om personeel op een economische en efficiëntere manier in te zetten.
Waar is alles uit mijn opleiding gebleven? We leren het respect voor en de eigenwaarde van de cliënt te waarborgen en zijn zelfstandigheid te bewaken. Niks van dit alles kan ik vinden in de praktijk. We laten het met zijn allen gebeuren. Je kunt het het personeel niet kwalijk nemen. Het kabinet daarentegen wel, met alle (verkeerde) bezuinigingen en het vele geld dat omgaat in de jaarsalarissen van het management van de instellingen. Het CAK berekent en incasseert de eigen bijdragen voor de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Mijn vader moet een maandelijks bijdrage van bijna 1.700 euro betalen aan het CAK. Heeft mijn vader hier zijn hele leven voor gewerkt?”
“Er is geen tijd voor een praatje, geen tijd om de cliënt te laten lopen naar de wc. Nee, dit duurt een eeuwigheid van tien minuten. Deze tien minuten zijn er helaas niet voor de cliënt. Dat er zoveel verschillende personeelsleden rondlopen die je amper kent, is voor ons als kinderen al rommelig, maar voor de ouderen al helemaal verwarrend. Hoe kan er in hemelsnaam ooit een vertrouwensband ontstaan, als je in een week wel dertig verschillende personeelsleden voorbij ziet vliegen, er geen tijd is voor een fatsoenlijk gesprek en ze alles haastig doen? En als je met de verzorgenden/verpleegkundigen praat, vinden ze het allemaal ook erg vervelend. ‘Het is toch niet normaal dat je met zijn tweeën 25 mensen in bed moet leggen en ook de achterwacht bent voor noodalarm in de wijk.’ Een verzorgende zegt: ‘Word je weggeroepen, dan sta je er helemaal alleen voor.’’
Natuurlijk gaat er ook veel goed. Natuurlijk doen veel mensen in de ouderenzorg dagelijks hun uiterste best om goede zorg te leveren. Het is des te schokkender dat we toch tekortschieten in het bieden van menswaardige zorg. Alles valt of staat met tijd en geld. Geld dat niet goed wordt besteed. Hoe kan het gebeuren? Komt het door de grootschaligheid? Je bent gewoon een nummer in een groot verpleegtehuis, ze kunnen het zelf niet meer overzien. Daardoor verdwijnt de betrokkenheid en gaat de efficiëntie verloren.”
“Dat moet anders kunnen! Mijn broer Johan, al jaren werkzaam met cijfers en financiën, heeft zich verdiept in de hele materie van de AWBZ en de WMO. We hebben hierover met elkaar veel gesproken. Ondertussen merken we dat we ons vaker neerleggen bij de situatie van onze vader en er soms zelfs onze ogen voor sluiten. Want wat hebben we voor keuze, wat is het alternatief?
Kleinschaligheid, dat zou een oplossing kunnen zijn. Er zijn weinig mogelijkheden, jarenlange wachtlijsten. Zo ontstond het idee om zelf iets op te zetten. Na veel gesprekken en een heleboel kritische obstakels uit de weg te hebben geruimd starten we in Hapert met een particuliere woonzorgvoorziening, een thuis voor 9 personen. We zijn de eerste in Brabant, maar in het midden van Nederland zijn ons al velen voorgegaan. We hoeven het wiel niet opnieuw uit te vinden, we sluiten ons aan. We creëren vanuit een warm gevoel een plek waar oudere mensen nog meetellen, waar hun cognitieve kennis nog geprikkeld wordt en er echt tijd is voor elkaar.
Het mag niet gebeuren dat ouderparen aan het einde van hun leven gedwongen gescheiden worden omdat de ene partner meer zorg nodig heeft dan de andere. Beschaving uit zich in respect voor de mensen die het land hebben opgebouwd en het recht voor ouderen op een menswaardige oude dag. Dat is toch niet te veel gevraagd? Een kwalitatief, hoogwaardige oude dag, dat wensen we onze ouders toch allemaal toe?”
Emmy & Johan Ettema